Zaterdag 28 juni. SLIGO (NW-IERLAND) (54°14’57N/10°05’02W): 19 juni t/m 27 juni. Logstand 10016-10399: 383 mijl in deze periode. 1539 mijl totaal gevaren!

Comments 3 Standaard

Donderdag 19 juni. Een dode walvis. Meine is Duca uitlaten en straks gaan we varen. We hebben het hier heerlijk gehad en leuke gesprekken met de plaatselijke bewoners, zoals Neil O’Regan, de uitbater van het café, bistro, winkeltje, postkantoor aan de haven. Dit eiland is een nog Iers sprekende gedeelte van Ierland en de vele jongeren die we hier steeds zagen bij de jeugdherberg tegenover onze ankerplek zijn hier 3 weken om Gaelic te leren. Ik zie er trouwens altijd een beetje tegen op om een veilige plek te verlaten en weer de open zee op te gaan en tegelijkertijd trekt een nieuwe zeiltocht en de ontdekkingen die daar bij horen enorm. Waar zullen we vanavond liggen en hoe zal het daar zijn is iedere ochtend weer een stimulans om er op uit te gaan. We vertrekken om 11.55 uur en rond 13.00 hebben we Fastnet Rock gerond, bekend van de Fastnet zeilreis. Op het eiland hebben we trouwens een herinneringssteen gezien van de het drama in 1979 toen er een hurricane over kwam en de wind zeer snel van 30 naar 60 knopen ging. 16 boten zonken en 15 zeilers kwamen om het leven. De moeite waard dus om even als eerbetoon omheen te varen. Vanaf hier gaat het voor de wind met de boom in de genua en om 15.00 komen we voorbij Mizen Head. Even later zie ik iets drijven en toevallig varen we er vlak langs. Het is een dode walvis, waar de meeuwen zich als aaseters tegoed aan doen.

Aangezien we geen kaarten hebben van het gebied ten noorden hiervan, kijk ik in de gids waar in de buurt een mogelijkheid is om eventueel te kopen. Dat blijkt in Castletown Berehaven en ik bel de eigenaresse Lili Zwaan, die later geen Nederlandse blijkt te zijn. Handig dat in mijn pilot ook dit soort telefoonnummers staan. Ze heeft in ieder geval de C55 en de C54 en zal die voor me bewaren. We ankeren in de buurt, zodat we morgen even snel op en neer kunnen. Weer een mooie plek: Dunboy Bay. Er ligt hier een groot Frans jacht en een motorboot. Meine gaat aan de wal en ik doe de afwas.

Vrijdag 20 juni. Een schitterende omgeving en natuur alom! We staan om 8.30 op en zwemmen weer even. We doen dit al weer bijna een week en het begint te wennen. Het water is koud en dus ook heerlijk verfrissend. Ik spoel me altijd wel even af met onze buitendouche. Om 9.30 varen we uit om naar Castletown Berehaven te gaan om de kaarten op te halen en wat boodschappen te doen. Het wordt een bliksembezoek en een investering in de plaatselijke economie met 120 euro. De kaarten zijn heel duur (27 euro, terwijl in Kilmore Quay ik 18 betaalde). Ook kopen we weer nieuwe feathers voor onze aan de waterplanten geofferde vislijn. Trouwens Meine verspeelde gisteren de lijn van zijn werphengel, zag deze nog wel drijven en ging het ophalen met het bootje. Dat lukte, want even later deed het motortje het niet meer en bleek de lijn in de schroef. Weer een klusje.

We varen om 11.40 uur weer uit en hebben een prachtige dag. De wind is Oost en we kunnen zeilen. Ik zie deze keer een levende walvis. Meine ziet hem van heel dichtbij en ik een tijdje later van veraf, maar het lukt wel om een glimp op de foto te zetten. De omgeving en de kusten zijn hier schitterend. Alleen al het langzaam er langs zeilen is prachtig. Zo’n hele dag komen we overigens zelden een ander schip tegen. Soms een paar kleine vissersbootjes en een enkel ander zeilschip. Heerlijk die rust. De namen van alle kapen en eilandjes hier zijn trouwens ook interessant! Zo varen we er een drietal voorbij, genaamd, The calf, the cow en the bull en inderdaad met veel fantasie zou je die in de vorm van het eiland kunnen herkennen. Dan hangt het er natuurlijk wel van af van welke kant. Dat is trouwens best leuk. Eerst zie je alleen een heuvel en even later blijken er doorgangen en gaten in het eiland te zitten.

We varen vandaag naar een baai die Derrynane Harbour, heet en die er mooi en verlaten uit ziet. Voordat we daar zijn, laten we de boot een tijdje dobberen om te vissen. We hebben vanmiddag allebei onze nieuwe feathers aangebracht. Meine aan het oud houten plankje, dat we al jaren aan boord hebben en nog nooit tot resultaat heeft geleid, maar nu wel. Binnen het uur vangt hij in twee keer 8 makrelen, dus vier tegelijk en aan iedere haak één. Twee vallen er af, maar zes is meer dan genoeg voor vanavond om te grillen. Het zijn trouwens hele mooie visjes, vind ik. Ik vang niets.

Om 18.45 liggen we voor anker in de baai. De ingang is een beetje lastig met alle rotsen die er liggen, maar met die goede weer geen enkel probleem. Het is hier druk, er liggen wel 6 andere jachten. Na onze voortreffelijke maaltijd van gegrilde vis, gegrilde groente en aardappels in folie, ga ik aan de wal om Duca uit te laten. De geur van de zeevogels maakt haar helemaal gek en ze rent achter ze aan. Helaas voor haar, heeft ze niet door dat zeewier niet om over te lopen is en plonst ze in het water.

Zaterdag 21 juni. En dan ontdek dat je ineens bruin bent. Vroeg op, zwemmen en uitgebreid op het prachtige strand Duca uit laten. Ze rent zich een rotje. We worden trouwens nog even vermaand door de mensen van de SAR (Save and Rescue) dinghy dat we onze lifejackets aan moeten trekken, maar dat vinden we onzin. Het is een klein stukje met het bootje en het water is ondiep. Trouwens, Duca springt al over boord als ze land ziet, dus die heeft weer een extra zwem ervaring, waar ze volgens mij wel van geniet. Ik stap ook eerder uit, want het water is heerlijk en een heel stuk alleen maar zand en zo’n 30 cm diep. Samen trekken we het bootje naar de wal. Het is hier prachtig ook weer. De baai is al bijna helemaal leeg. Iedereen is al aan het varen behalve het rode jacht. Die slapen waarschijnlijk hun roes uit, want om 03.30 uur werd ik wakker van harde muziek die uit hun schip kwam. Ik dacht eerst dat er een feestje aan de wal was, vanwege de start van de zomer of zo. We wandelen heerlijk langs het strand en bezoeken ook nog even het kerkhofje, dat zeer lieflijk gelegen is in de duinen. In het oude kerkje, dat geen dak meer heeft, liggen ook grafzerken. De teksten hier zijn zeer summier: eigenlijk alleen de sterfdatum. Een beetje apart staand simpel houten kruis valt me op: “Pavel Urban, 1977-2006. Be loyal to yourself”. Hier ben ik het mee eens en gedenk hem op deze wijze door hier te vernoemen. Maar 29 jaar geworden.

Om 10.00 uur varen we weg en hebben even wind. Dan is het afgelopen en moet de motor er bij helaas. Om 11.40 gaan we langs bolus head en rond 12.00 uur passeren we The skellig eilandjes. Dit zijn twee hele spitse rotsen, waarvan de grootste 200 meter hoog is. Het schijnt dat hier het grootste eiland bewoond was door monniken, tot ze na 600 jaar het eiland moesten verlaten a.g.v. een soort kleine ijstijd. Het kleine eiland wordt tot op de dag van vandaag geregeerd door de Gannets. Mijn pilot geeft aan: “needless to say, landing is not on the agenda”. Dat doen we dus ook niet. Meine bakt ondertussen pannenkoeken met de laatste gebakken ontbijtspek uit Nederland.

We hebben besloten om door de blasket sound te varen omdat dit sneller gaat, aangezien de wind is aangettrokken (fijn), maar pal tegen is (jammer). We varen met een windkracht 4-5 en stroom 2,5 mijl tegen op de motor door de sound. Geen enkel probleem, hooguit gaat het wat langzaam. Vandaag is dus een goede dag voor onze accu’s. Ze laden helemaal op, net als wij. Om 18.00 uur ankeren we in smerwick Harbour, redelijk dicht bij de pier, maar nog wel onder invloed van de oceaan deiningen. Hopelijk valt het vannacht mee en kunnen we goed slapen. Ik ga even een paar dagen verslag bijwerken. Dat is echt wel even een uitdaging, want liever borrel ik met Meine in de kuip. Ik heb me echter voorgenomen vaker wat op te schrijven. Straks gaan we nog even aan de wal, ook om het hondje uit te laten. Ik heb overigens net ontdekt dat ze loops is, dus dat wordt uitkijken! Stel je voor, pups (ik had net trouwens pubs getikt, niet verwonderlijk in deze contreien toch?) op de boot. Dat kan natuurlijk niet. Na het eten gaan we nog even naar de wal en de pub. Ook om even internet te hebben. Ik zoek op de Imray site waar kaarten verkocht worden en ontdek dat er tussen Dingle, waar we al voorbij zijn en Belfast geen kaarten verkocht worden. Dat wordt dus een puzzeltje, want ik mis nog de kaarten voor noord ierland! Heel gezellige ontmoetingen trouwens weer. Het is erg druk met jongeren die een verjaardag vieren van iemand die 18 is geworden. Bijna alle meisjes heel slank, met hele korte rokjes en héle hoge hakken. Ze zijn zich vast aan het indrinken en als de jarige, wat onhandig en verlegen samen met zijn ouders aankomt, wordt er luid gezongen. In de pub kan ik 20 euro opnemen en meer niet. Ons cash geld raakt op!

We moeten ook een beetje een planning gaan maken hoe lang we er over willen doen om Ierland te “ronden”. Het is best een afstand, zo’n 400 mijl vanaf hier en we hebben nog 9 dagen voordat het 1 juli is, onze datum dat we in Schotland willen zijn. Dat is natuurlijk niet een hele strakke datum, en die gaan we waarschijnlijk dan ook niet halen. Wel komen we nu ook wel weer wat noordelijk uit en genieten bovendien erg van de ruige en tegelijkertijd lieflijke Ierse westkust.

Vandaag begint de zomer, maar voor ons is dat dus al een tijdje aan de gang. Heerlijk die zon op mijn lijf. Ik word ongemerkt bruin, zonder er veel voor te hoeven doen. De heerlijke crème, die ik voor mijn verjaardag heb gekregen is dan wel fijn om voor het slapen gaan op te smeren.

Zondag 22 juni. Verse kreeft. Om 08.00 uur op, even zwemmen en haren wassen met zout water én de speciale zeewater zeep/shampoo, die ik een paar jaar terug in Zweden kocht. Nog even Duca uitlaten. Ik raak aan de praat met een visser, die net is aangekomen met zijn bootje en hij is bereid me 2 kreeften te verkopen voor totaal 15 euro. Ze zijn eigenlijk voor het restaurant bedoeld, maar hij verwacht er straks nog wel een paar uit een lobsterpot te gaan halen. Die zijn hier trouwens veel en met het varen moet je opletten. Hij geeft even aan hoe te koken: opzetten met koud zeewater en een beetje extra zout. 10-15 minuutjes zachtjes laten koken en ze dan direct in koud water laten “schrikken”, zodat het kookproces stopt en ze niet taai worden. Wat een heerlijk vooruitzicht voor vanavond!

Wat overzichtelijk is het leven aan boord toch en zo dicht bij de natuur! Even over boord, korte broek aan met hetzelfde shirtje. Het lijkt of kleren hier ook minder snel vuil worden. Ik was ook minder vaak mijn haren, borstel ze 1 maal als ze nat zijn en de volgende dagen even “met de handen door het haar” haarband er in en klaar. Meine scheert zich nog maar 1 keer per week en zijn baardje staat hem goed! We hebben het samen heel goed en ontwikkelen zo ons eigen taaltje en humor. Zo van: “Wie weet wordt dit een dag”, of “Het is wel druk hier”, als we ver aan de horizon een ander schip ontdekken. “Die onzekerheid ook, dat je ‘sochtends niet weet, waar je ‘savonds bent”. Kortom allemaal uitdrukkingen die het omgekeerde bedoelen te zeggen. Het feit dat het hier zo leeg is en we bijna niemand tegen komen is precies wat we zochten tijdens deze reis! Het nadeel is dan wel weer dat er geen plaatsjes zijn waar je bij een shipchandler kaarten kunt kopen. Duca er bij maakt het nog gezelliger trouwens. Ze is heel aanhankelijk en komt zo eens in de paar uur even buurten als we aan lange tocht maken. Vaak laten we haar binnen, van wege de zon en dan geeft ze soms aan dat ze naar buiten wil. Het is een beetje ons kind.

We gaan om 09.45 uur weg en hebben de wind 4-5 tegen. Op de motor de baai uit en dan eerst 7 mijl de zee opzeilen om een kruisrak te maken. Ons doel van vandaag ligt precies daar waar de wind vandaan komt. En we moeten er echt naar toe, want andere ankerplekken die met deze wind beschut zijn, zijn er niet. Om 11.15 gaan we weer over stag richting de kust. Om 12.15 gaat het reef er uit en rollen we de genua vol uit. De wind wordt minder, maar draait wel gunstig. We kunnen precies langs de kust zeilen en die is prachtig! We varen voorbij brandon head. De zon schijnt, de noordenwind is fris en ik verheug me op de kreeften! Ze staan in een emmer water in de bakskist met een dweil er over heen. Om 16.00 moet toch echt de motor er bij om langs kerry head te komen, want de wind wordt weer minder. Tot aan de shannon rivier, waar we ankeren bij een heel klein plaatsje, carrigaholt, blijft de motor bij staan. Op het smalst van de rivier, waar de stroom het sterkst is, worden we verwelkomd door grote bultneusdolfijnen! Toch hebben we vandaag ook heel veel kunnen zeilen. We zijn er om 19.15 en we maken de kreeften klaar en eten ze binnen op, want ik verwacht dat ons buitentafeltje te wankel is om het gereedschap dat we klaar hebben liggen (hamer en tang) te verdragen. Ze zijn echt heerlijk en inderdaad van donkerblauw naar mooi rood gekleurd. Het is de eerste keer dat ik zelf kreeften kook.

Maandag 23 juni. 12 uur varen en enig organiseerwerk tussen door. We staan om 06.00 uur op, want we hebben een lange tocht voor de boeg. Ik ga nog even naar de wal, maar een paar foto’s van de 5 verdiepingen ruïne, die is gebouwd door de Mac Mahon Lords aan het eind van de 15e eeuw. Het is een toren en dat was toen in de mode. Het doet me denken aan de torens in st. Gimignano in Italië. Stammen die uit dezelfde tijd?

We varen om 07.00 uur. Er is geen wind en we hebben even de stroom mee en daarna toch weer tegen. Het lijkt net of de planningen die we steeds maken m.b.v. onze pilots niet kloppen. Volgens de boeken zouden we nu mee moeten hebben. Om 09.00 uur ronden we loop head, waarvan de naar ook weer een verwijzing is naar Italië. De rots zou op een wolf lijken en de naam voor wolf in het Italiaans is Lupo. Dat weet ik nog precies doordat ik eens in de abruzzen een wolf in het wild heb gezien. We kruisen weer wat, maar gaan eerder terug naar de kust. Ook vandaag blijkt dat we later op de dag kunnen zeilen en a.h.w. steeds een beetje kunnen oploeven, waardoor we steeds langs de kust kunnen blijven varen. Die is hier prachtig trouwens. Ruig en steil met rechtop uit het water stekende wanden.

Ondertussen mail ik via mijn iPhone en op momenten dat ik bereik heb met de commercieel directeur van Imray in St Ives over het feit dat er nergens hier kaarten te koop zijn. Dat klopt helaas, maar ze kunnen ze ons wel sturen. Met Pip van Sales regel ik uiteindelijk de aanschaf van de C 53, 64, 65 en 66 en pilot van de noordkust van Ierland. Ik betaal d.m.v. mijn Visa Credit Card. Het duurt 3-4 dagen voor ze hier zijn. Maar waar is hier? Op de kaart kijkend is de laatste plaats die nog op een kaart staat die we hebben het plaatsje Sligo. Ik google wat en kom zo aan het adres van het county house. Daar bel ik naar toe en spreek met Jo Anne, die nog nooit zo’n vraag heeft gekregen, maar zeer bereid is het pakket voor me in ontvangst te nemen. Wij hebben zeker die vier dagen nodig om daar te komen, dus dat zou goed moeten gaan. Pip van Imray bedank ik nog even door haar een foto te sturen van het moment waar we zeilen, blauwe lucht met de kust op de achtergrond. Ik schrijf haar dat hun kaarten dit soort zeilen mogelijk maken. Ze (denk ik) reageert spontaan dat ze jaloers is en vast zit in een “hot land locked office”. Het lijkt me toch leuk dat ze daar zien waar ze het uiteindelijk voor doen, deze kaarten en pilots samenstellen.

We zijn op weg naar de Aran eilanden, een plek die ik associeer met de strips die ik als kind las van Prince Valiant, een Noormannen prins, die allerlei spannende avonturen beleefde in verre onwerkelijke landen. Morgen gaan we het daar een dagje verkennen. De wind is straf en we kunnen een heel eind oploeven naar de vuurtoren van het eerste eiland. Dan zeilen we in de luwte van de eilanden richting Killeany. Het is nog even uitkijken daar, want rond de vuurtoren zijn wat rotsen en ik zie ver uit de kust nog golfjes die ondiepten aanduiden. Meine loodst me m.b.v. de gps naar binnen. Om 19.00 leggen we aan bij een mooring en hebben dan 12 uur gevaren. We eten restjes en gaan dan naar de wal. Overal zijn vuren die worden aangestoken. Ik had al wat geroken toen we hier naar toe aan het varen zijn. Het blijkt dat men hier op deze manier St Jansdag viert, een oud gebruik hier om overal vuren te ontsteken. Ik word een beetje emotioneel want mijn vader Jan had altijd zijn verjaardag op 24 juni en zei dan altijd dat St Jansdag voor hem bedacht was. Ik had vandaag al veel aan hem gedacht (hij is nu 25 jaar geleden overleden) en de vrouw die ons dit verteld zegt dat het dan bedoeld is voor mij om hier vandaag te zijn. Hoe verleidelijk het meemaken van dit volksfeest ook zou zijn, we gaan terug naar de boot om vroeg (23.00 uur) te slapen, want best een beetje moe. Bovendien hebben we geen bier bij ons, en ieder neemt op zo’n feest zijn eigen drank mee. Morgen gaan we het eiland verkennen, boodschappen doen, geld pinnen, water en eventueel diesel tanken.

Dinsdag 24 juni. St Jansdag en de vis wordt duur betaald. We staan om 08.00 uur op en het is weer prachtig weer. Heerlijk geslapen aan de mooring. Eerst maar boodschappen doen, want alles is zo’n beetje op. Ondertussen informeert Meine waar water en diesel te krijgen is. Water kan aan de kade en we kunnen een slang lenen van een Frans jacht dat hier ligt, omdat ze een paar dagen geleden op de rotsen is gevaren bij de vuurtoren! Ze hebben hun roer beschadigd. Diesel gaat via iemand die we kunnen bellen en die dan langs komt. Met een tankwagen blijkt later! Net als destijds op Texel tijdens een winterreis. In ieder geval is dat wel verantwoord en lopen we geen risico op vervuilde diesel zo. Boodschappen bij de Spar en toch maar wat wijn gekocht, ook al is het duur. Iedere fles heeft 20% belasting plus per fles nog 2 euro. Boodschappen doen gaat prima en onze ING kaart wordt hier weer wel door het systeem geaccepteerd. Dat is heel fijn, want de ATM machine om geld te pinnen en de enige op het eiland is kapot. De dame van de winkel scheldt op “de banken”, die helemaal niet geïnteresseerd zijn of zij nu wel of niet haar service kan verlenen. Hopelijk komt er vandaag met de ferry iemand om te repareren. Alle boodschappen naar de boot gebracht en vervolgens naar de kade gevaren voor water. Beide tanks zijn leeg, dus we hebben wel écht nodig. Aan de kade ligt ook een visser, die vraagt of we verse vis willen. Natuurlijk! Meine kiest een paar kleine voor op de BBQ, een Monk vis en nog twee grotere. Als we willen betalen, mag dat niet: No, no money! Meine maakt de vis schoon en ik marineer ze voor vanavond. Bij de winkel die Ierse gebreide spullen verkoopt, koopt Meine 2 paar sokken en ik een mooie cape/sjaal met Keltisch/Ierse motieven. Vanmiddag gaan we het eiland verkennen en niet zoals hier sterk wordt aanbevolen op gehuurde fietsjes, maar lekker wandelend langs een mooi pad. Heerlijk! Soms via een weg (en dan komen we constant toeristische paarden karretjes tegen) en soms op een pad, waar Duca los kan. Om een uur of 16.00 hebben we 8 kilometer gelopen en komen op een plek, waar alles in gereedheid wordt gebracht voor de door Red Bull gesponsorde WK Cliff diving, die dit weekend plaats vinden. Dat zoeken we later wel op via YouTube! We wandelen nog een stuk door naar een heel oud fort: Dun Aonghasa, waarvan de eerste gedeelten dateren uit 1000 BC! Er zijn veel van dit soort plekken in Ierland en ook in Schotland, maar dit schijnt wel een bijzondere te zijn. Het staat ook op de Unesco lijst van wereld erfgoederen. Het is nog een hele klim er naar toe, maar wel de moeite waard. Imposant hoe men met de stenen hier dit alles bouwde. De binnenste ring is het meest nieuw en dateert uit de middeleeuwen, toen men al wist hoe ment steunberen moest bouwen. Het fort eindigt aan de klif, zo’n 100 meter steil boven de zee en ik durf niet echt over het randje te kijken. Het is wel een interessante plek om te zijn en te lezen hoe de ontwikkelingen zijn geweest. In de 19e eeuw is er veel veranderd en opnieuw opgebouwd. Dat was volgens mij de tijd dat archeologen erg veel fantasie gebruikten bij hun interpretatie van hoe iets vroeger was. In diezelfde tijd is volgens mij ook het paleis van Mykonos op Kreta opnieuw opgebouwd. Toch is hier nog veel oorspronkelijk. Zoals een heel veld met ophoog staande stenen, die dienden als een “tank wal” in tijdens van oorlog, maar dan voor paarden. Ik maak nog wat inspirerende foto’s van hoe je ook muurtjes kunt bouwen, voor de vrienden van Meine in Frankrijk, waar ze al een hele tijd muurtjes aan het repareren zijn van een huis van één van hen.

Dan weer terug naar beneden en een biertje/wijntje bij het café. We hebben afgesproken met een taxibusjes, dat deze ons om 17.45 komt ophalen. Helemaal terug wandelen is best ver nog en ik wil voor 19.00 naar de Spar om geld te pinnen, als de machine gerepareerd is. Dat blijkt half/half, maar bij mij werkt het gelukkig. We hadden onze laatste 20 euro aan de taxi besteed, maar hij bood aan het terug te geven, als we geen geld konden krijgen. Niet nodig dus. Dan naar de boot om de visjes te Cobben. Heerlijk. We gaan vroeg naar bed.

Woensdag 25 juni. De zon schijnt, de wind verdwijnt en de zee deint. Om 08.00 uur liggen we aan de kade voor het “oliemannetje”, die stipt op tijd is. 70 liter voor 75 euro is niet duur. Om 9.00 uur varen we uit. Er is bijna geen wind en uiteindelijk varen we de gehele dag op de motor. Mooi is het wel, een deinende zee, de kusten en de vogels. Gek dat je je op zo’n dag ook niet verveelt. Ik zit veel voor me uit te kijken. Om 15.00 uur ronden we slyne head, daarna door de high island sound. Allemaal heel kalm en zonder echte stroming. De eilanden zijn trouwens maar 23 meter hoog. Ik mail nog even met Jo Anne van het County House in Sligo, om te vragen of ze mijn pakje aan de havenmeester wil geven, omdat wij waarschijnlijk pas in het weekend daar aankomen en het kantoor dan gesloten is. We varen naar inishbofin, een klein eiland, dat een beschutte kom heeft. Om 17.45 komen we daar aan en “lenen” wederom een mooring. We betalen nu al 10 dagen achtereen geen havengelden. Na een tijdje komt een vissersbootje binnen dat naast onze mooring gaat liggen. Met een klein bootje varen ze vervolgens naar een paar kleine visboeien. Hieraan liggen grote buns, waar de vandaag gevangen kreeften in gegooid worden. Handig om te weten.

Na het eten gaan we nog even naar de wal. Voor het eerst in 14 dagen is het bewolkt en miezert het. We belanden nog even in een mooie en gezellige pub. Helaas mag Duca niet naar binnen, dus we binden haar buiten vast aan een tafeltje. Geen succes. Ze keft naar iedereen, dus na 1 drankje verlaten we het pand.

Donderdag 26 juni. Stoere zeilers en onze eerste valwinden. We vertrekken om 8.45. De wind is Zuidwest en wij gaan naar het noorden. Prima dus. Het is wel bewolkt, maar er is goede wind. Nadat we om het eiland heen zijn, kunnen we direct zeilen. Eén rechte koers naar ons doel. De weersvoorspelling geeft wel aan dat het zeer veranderlijke weer wordt met wisselende winden. Ook in deze baai lagen we met een paar andere jachten, die meestal groter zijn dan wij. Nog steeds denk ik dan, tsjé die zijn stoer en vergeet dat wij dat ook best zijn. De echtparen, die je op zulke boten ziet, zien er net zo uit als wij: mannen met grijs haar en een baardje in korte broek, vrouwen met verwilderd grijs, of in mijn geval door de zon geblondeerd haar. Soms kan ik niet geloven dat wij ons aan dit soort zeilers kunnen meten. Veel Fransen trouwens en misschien varen zij alleen maar op en neer tussen Ierland en Frankrijk. De baai Portnafrankach waar we nu naar toe gaan wordt omschreven als: A small inlet, providing a port of call on the direct route for yachts sailing around Ireland”. Wij dus.

Om 12.00 uur zetten we de spinnaker bij, omdat de wind afneemt en de koers goed is. Na een half uur staat ze, maar ik vertrouw het niet. De boom staat behoorlijk krom af en toe en we hebben er vorig jaar ook één verspeeld. Ik overtuig Meine om direct weer in te nemen. Gelukkig maar, want even later hebben we 19 knopen wind. Veranderlijk dus vandaag! Een uurtje later ronden we achill head en gelukkig buiten om en niet tussen de rots en een klein eilandje carrickakin in, wat Meine van plan was. We varen dus best ruim om de kaap heen, maar krijgen even later toch voor het eerst te maken met valwinden. De kaap is 111 meter hoog en steil naar de zee toe. Samen met donkere wolken creëert dit opeens een windsnelheid, die van 6 knopen naar 21 gaat. Meine zet de motor bij. Weg hier. Rare onstuimige golven en onbetrouwbare wind. De rest van de middag zeilen we echt heerlijk. Goede stevige wind en het gaat snel. Ik moet altijd even wennen aan dit onstuimige zeilen, maar vanaf het moment dat ik zelf stuur, vind ik het heerlijk. We ankeren om 17.15 uur, terwijl het regent in de kleine baai van Portnafrankach. Vanmiddag heeft Meine kans gezien om de vis te marineren en hij gaat vanavond zorgen voor de maaltijd. Ik heb net een mailtje gekregen dat mijn pakketje is aangekomen en afgeleverd zal worden aan de havenmeester in sligo. Toch mooi geregeld, als zeg ik het zelf.

Vrijdag 27 juni. When the going gets rough. Vroeg op en om 08.00 uur varen we. We hebben een lang eind voor de boeg, het weer is vies en de wind tegen. We hebben in deze kleine baai wel heerlijk rustig gelegen en goed geslapen. Bovendien moeten we een paar kapen om, waar rare stroming staat. De eerste 8 uur zijn ronduit vervelend. Op de motor tegen de wind in maken we een snelheid van net 5 knopen. Dat is op zich genoeg. Het is heel ruw varen, dus ik neem in de middag toch maar een zeeziekte pilletje. Het helpt wel, maar alleen word ik er altijd zo moe en slaperig van.

Meine vaart hele stukken en met de hand sturend. Dit zou te zwaar zijn voor onze stuurautomaat. Toch wen je hier ook weer aan. Rustig blijven zitten in de kuip buiten en om me heen kijken. We passeren we heel veel ruige rotsen, die hier scherp zijn en als een tafelblad zijn afgevlakt. Mooi gezicht. We wind neemt toe tot Bft 5, een prachtige wind dus, als je de andere kant op wilt, maar goed dat hadden we gisteren. Het weer is dus best veranderlijk en de windrichtingen ook. Vanaf een uur of 14.00 zie ik wel dat de bewolking dunner wordt, het miezeren, houdt op en af en toe zie ik een streepje blauw. Om 16.00 kan het grootzeil bij als steunzeil en klaart het echt op. Bovendien komen we nu in de beschutting van Donegal Bay en varen we naar de hoge wal. Om 19.45 vinden we een mooring aan het begin van de geul naar Sligo. Ineens zijn we in een prachtige lieflijke en groene omgeving met glooiende heuvels, bossen en weilanden, waar schapen en koeien grazen. Een enorme overgang, maar wel een goede. Ondanks dat ik best moe ben, toch even snel koken en restjes vis (Meine) en Lamskoteletjes (ik) eten. Tijdens het eten is de SAR aan het oefenen in en ze varen even langs om ons een betere mooring te wijzen. Deze waar we nu aan liggen, schijnt al 3 jaar niet gecheckt te zijn en met de stevige stroming zou dat fout kunnen gaan. We verkassen even verderop, Meine laat Duca uit en ik ga even uitgebreid douchen en haren wassen. Dat kan nu, want door het water is de boiler goed warm en morgen kunnen we water tanken.

3 gedachtes over “Zaterdag 28 juni. SLIGO (NW-IERLAND) (54°14’57N/10°05’02W): 19 juni t/m 27 juni. Logstand 10016-10399: 383 mijl in deze periode. 1539 mijl totaal gevaren!

  1. Hoi Meine en Marianne. Wat een trip zeg. Ik lees af en toe met veel plezier jullie berichten. Schitterende fotoos van Aran Islands.

    • Leuk dat je er van geniet. Hier nog steeds mooi weer. over een paar dagen in Schotland!!! Jullie een fijne zomer! Hopelijk weer een zonder zorgen. Liefs M&M

  2. Ha Marianne, mooie metafoor over de schroom en het verlangen de open zee te kiezen. Dat geldt wellicht voor iedereen en ook buiten de zee. Heb een heel leuke middag achter de rug met jullie Exec Ed-mensen. Zou het graag vaker doen! Veel zeilplezier! Astrid

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s